2022, het jaar van Industry 5.0 en digitaal afval

006133_LinkedIn-Banner_Industrial

Voorspellingen voor het nieuwe jaar volgens Paessler

Neurenberg, Duitsland, 6 januari 2022 – Dankzij een snelle digitalisering en automatisering in tal van sectoren, is monitoring in al haar facetten in 2021 in een stroomversnelling geraakt. Wilco Ravestein, Country Manager Benelux bij Paessler AG – de monitoring-expert – kijkt vooruit naar wat we kunnen verwachten in het komende jaar. Hij signaleert een aantal, op het oog verrassende, toepassingen in 2022 om uiteenlopende groeiende uitdagingen het hoofd te bieden.

Gecentraliseerd naar de cloud – en daar voorbij
De cloud, en cloud-gebaseerde applicaties, winnen al geruime tijd aan belang. Daarom neemt het belang van cloud-, netwerk- of applicatiemonitoring de komende jaren toe. Dit heeft er ook toe geleid dat er tegenwoordig veel geïndividualiseerde monitoringoplossingen beschikbaar zijn.

Maar, hoe gespecialiseerder en hoe groter het aantal tools, hoe moeilijker het wordt om een gecentraliseerd overzicht te creëren. In combinatie met de groei van hybride cloud-strategieën, zijn er meer omgevingen om te monitoren dan ooit. Het niet hebben van een gecentraliseerd overzicht is kostbaar. Het is immers duur om multi-monitoringtools te implementeren, te beheren en te onderhouden.

“Het centraal beheren van alle cloud-oplossingen is daarom essentieel. De manier om dit te bereiken, zelfs in de meest complexe IT-landschappen, is door te focussen op monitoringoplossingen die zo breed mogelijk zijn ontwikkeld”, vertelt Ravestein.

Digitaal afval vermijden wordt belangrijker
Tijdens COP26 werd er gepleit om ‘digitaal afval’, de versnelde afschrijfduur van IT-devices, op de agenda te zetten. Het is zeer waarschijnlijk dat dit komend jaar zodoende meer prioriteit krijgt. Bedrijven gaan daarom vaker op zoek naar mogelijkheden om hun digitale afval te verminderen en IT-monitoring speelt hierbij een grote rol.

“Monitoring kan helpen bij het verbeteren van de levenscyclus van een digitaal device, zoals een serverrack, omdat het ervoor zorgt dat de apparatuur op een optimaal temperatuurniveau blijft werken”, licht Ravestein toe. “Wanneer een apparaat constant te warm of te koud draait, behoort het apparaat veel sneller tot de categorie digitaal afval.”

Apparaten gaan langer mee, en functioneren efficiënter, als deze goed gecontroleerd worden. “Door de levensduur van digitale apparaten te verlengen door de temperatuur of koeling te optimaliseren, wordt ook energie bespaard, wat zorgt voor een verminderde CO2-uitstoot. En hoe minder we apparaten hoeven te vervangen, hoe minder nieuwe producten we hoeven te produceren.”

Het vermijden van digitaal afval voorkomt daarnaast het schreeuwende tekort aan nieuwe chips. “Hier geldt eveneens: als je langer en effectiever kunt werken met je huidige oplossing, verlaagt dat de uitval van je IT-omgeving”, vertelt Ravestein. Zo zijn bedrijven niet afhankelijk van late of geannuleerde leveringen van vervangende apparatuur. “Tegelijkertijd reduceren ze het digitale afval.”

Tekorten aan specialisten
Wereldwijd wordt de IT-sector enorm geconfronteerd met een tekort aan vaardigheden. Hoewel de effecten groot zijn, is er geen snelle oplossing beschikbaar. In 2022 zullen we daarom de gevolgen blijven ervaren.

“In dat opzicht is het essentieel om zoveel mogelijk IT-processen te automatiseren”, zegt Ravestein. “Dit zorgt ervoor dat de tijd van het IT-team niet wordt besteed aan alledaagse routines die gemakkelijk kunnen worden geautomatiseerd. Daarnaast zorgt deze beweging ervoor dat meer MSP’s zich specialiseren. Bijvoorbeeld in OT-monitoring, of zelfs IoT-monitoring, in de agrarische sector.

Industry 5.0 – waar gaat het naartoe?
Wat komt er eigenlijk na Industry 4.0? Onderzoekers van onder meer de KU Leuven voorspellen een wissel van slimme productie naar een innovatief begrip van consumptie. In 2022 zijn dus niet langer slimme productieprocessen, maar slimme consumptie leidend in de aanpak die organisaties in de maakindustrie hanteren.

De basis voor Industry 5.0 ligt bij sterk geïndividualiseerde producten en diensten. Fabrikanten rusten hun producten steeds vaker uit met digitale componenten en sensoren. Zo kunnen producten met elkaar communiceren, signalen ontvangen en belangrijke data voor monitoring delen. “Deze data kan een fabrikant vervolgens helpen bij productoptimalisatie. En deze inzichten leiden weer tot tal van kansen voor manufacturers die bestaande én nieuwe klanten kunnen overtuigen”, besluit Ravestein.