Shell Moerdijk (foto Shell).

Hoe kan Shell haar uitstoot zo snel mogelijk reduceren?

Shell moet in 2030 45% van haar CO2-uitstoot hebben gereduceerd. Dat komt neer op ruim 730 miljoen ton CO2 minder dan in 2019. Maar hoe zit dat precies met eigen uitstoot, uitstoot door derden en hoe kan Shell in korte tijd zo’n enorme reductie bereiken?

De uitstoot van Shell kan worden onderverdeeld in drie scopes, een onderverdeling die het bedrijf niet zelf heeft bedacht, maar onderdeel is van het GreenHouse Gas (GHG) protocol. Onder scope 1 valt de uitstoot die vrijkomt bij Shell door de winning van gas en olie en de raffinage tot diverse producten. Van de totale uitstoot van Shell in 2019, namelijk 1631 miljoen ton, viel er in 2019 ongeveer 70 miljoen ton onder scope 1.

Onder de scope 2 emissie valt de uitstoot die heeft te maken met de inkoop van fossiele warmte en stroom bij derde partijen voor de verwerking van haar eigen producten. Van de 1631 miljoen ton, was dat in 2019 zo’n 10 megaton.

Veruit de grootste emissie, namelijk 95%, zit hem in scope 3: de uitstoot van de verkochte producten. Onze benzine, aardgas en andere producten waar fossiele grondstoffen in zitten.

Inspanningsverplichting

In de uitspraak tegen Shell heeft de rechter geeist dat Shell 45% ten opzichte van 2019 moet reduceren in scope 1. Voor de andere scopes geldt een ‘zware inspanningsverplichting‘. Hoewel zo’n inspanningsverplichting een wassen neus lijkt, werkt dat in de praktijk toch anders. Er zal namelijk een moment komen dat een (andere) rechter zal beoordelen of Shell aan haar zware inspanningsverplichting heeft voldaan. Als dat volgens die rechter niet het geval is, zullen er consequenties voor het bedrijf volgen.

De reductieverplichting in scope 1 is echter vrij duidelijk: in 2030 moet de uitstoot in die scope met zo’n 25 tot 30 miljoen ton zijn gereduceerd. Het FD zette in een interessant artikel de mogelijkheden op een rijtje. Voor wie geen toegang tot de krant heeft, hierbij een samenvatting.

CCS

De scope 1 uitstoot van Shell komt voornamelijk uit de dertien raffinaderijen waar Shell (deels) eigenaar van is. De raffinaderij in Pernis is bijvoorbeeld goed voor zo’n 4 megaton CO2. Door middels CCS CO2 op te slaan in lege gasvelden, kan Shell gebruik maken van zo’n 2,5 megaton aan opslagcapaciteit in het Porthos project. Die capaciteit moet echter wel gedeeld worden met andere gebruikers. Het Porthos project is echter niet het enige CCS project. De gecombineerde opslagcapaciteit van de mondiale CCS projecten is zo’n 12,5 megaton, iets minder dan de helft van de beoogde reductie.

De reductie voor de scope 3 uitstoot is complexer, maar tevens zijn er meer routes mogelijk waarmee de beoogde reductie kan worden gerealiseerd. Shell kan bijvoorbeeld de scope 3 uitstoot compenseren door bossen aan te planten. Per hectare (volgroeid) bos, wordt zo’n 225 ton CO2 opgenomen.

Iemand anders

Ook kan Shell investeren in alternatieven voor het gebruik van fossiele grondstoffen: hoe minder fossiele brandstof het bedrijf verkoopt, hoe meer CO2-uitstoot wordt vermeden. Waterstof, groene stroom, synthetische brandstoffen zijn bekende voorbeelden. Shell loopt daarmee echter ook een risico: die niet verkochte benzine wordt niet gegarandeerd gecompenseerd door de verkoop van elektriciteit of waterstof. En dat is ook het vaakst gehoorde bezwaar van Shell tegen de uitspraak: ‘Als wij de benzine niet verkopen, doet iemand anders het wel’.

Lees meer over Shell op Process Control