Industrie moet 20 procent drinkwater besparen

Het terrein van Industriewater Eerbeek

VEMW ziet kansen om laagwaardig gebruik te verminderen

Adriaan van Hooijdonk

Het kabinet schreef eind november 2022 in de Kamerbrief ‘Water en bodem sturend’ dat de zakelijke grootverbruikers het drinkwaterverbruik met 20 procent moeten verminderen in 2035. Hierbij gaat het om bedrijven die meer dan 100.000 m3 drinkwater per jaar gebruiken. Roy Tummers, directeur Water bij VEMW, ziet kansen om het laagwaardig gebruik, zoals spoelen en koelen, te verminderen.

De Nederlandse industrie gebruikte volgens het CBS in 2020 ruim 208 miljoen m3 drinkwater. De chemische industrie gebruikt met 57,5 miljoen m3 het meest, gevolgd door de voedingsmiddelenindustrie (56 miljoen m3) en de aardolie-industrie (20,5 miljoen m3). In de loop van 2023 komen bij het CBS de cijfers over 2021 beschikbaar.
Dat het drinkwaterverbruik naar beneden moet, blijkt uit de brief ‘Water en bodem sturend’ die minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat eind november 2022 naar de Tweede Kamer stuurde. In de brief staat onder meer dat de zakelijke grootverbruikers het drinkwaterverbruik met 20 procent moeten verminderen. Hierbij gaat het om bedrijven die meer dan 100.000 m3 drinkwater per jaar gebruiken. Bovendien werd op 21 november 2022 een motie aangenomen van CU-Kamerlid Pieter Grinwis en D66’er Tjeerd de Groot over het verminderen van laagwaardige gebruik van drinkwater in de industrie, zoals koelen en spoelen. De politici verzoeken de Tweede Kamer nadrukkelijk om dit te betrekken bij de verdere uitwerking van het industriebeleid.

“Kwestie van tijd voor industrie meer gezuiverd rioolwater gaat gebruiken”

Nog geen afspraken

De drinkwaterbesparingen zijn volgens het kabinet nodig vanwege de toename van de watervraag en de schaarsere beschikbaarheid van water. Het kabinet wil over de besparingen met VEMW en Vewin afspraken maken. Die zijn met het ministerie van I&W nog niet gemaakt, zegt Roy Tummers, directeur Water van VEMW. De belangenorganisatie heeft echter wel een aantal initiatieven ontplooid. Zo verschijnt in maart een nieuwe visie op de verduurzaming van het watergebruik in de industrie. Dat was volgens Tummers hard nodig, want de vorige visie dateerde uit 2013. Ook wil VEMW het programma ‘Water besparen in de industrie’ opzetten. Doel is om zelf de regie te nemen in de politieke en maatschappelijke discussie over drinkwaterbesparing door zakelijke grootverbruikers. Bijvoorbeeld door zelf met voorstellen te komen hoe de bedrijven drinkwater kunnen besparen en hoe de overheid hierbij kan faciliteren. “We zouden in kaart kunnen brengen waar besparingen mogelijk zijn bij de verschillende soorten bedrijven”, aldus Tummers.

Waterprofielen opstellen

De waterprofielen van industriële waterverbruikers die nu overal in het land worden opgesteld, kunnen hierbij helpen. Die laten zien waarvoor de bedrijven water nodig hebben en wat voor soort water ze gebruiken. Ook tonen de profielen welke gevoelig­heden er zijn en welke effecten optreden bij een tekort. Het opstellen van waterprofielen voor industriële watergebruikers is één van de aanbevelingen van de Beleidstafel Droogte uit 2019. Tummers denkt dat de profielen ook kunnen helpen in de discussie over drinkwaterbesparing. “Het geeft namelijk -enig- inzicht op basis waarvan je kan zien wat je kan besparen en hoeveel.”

De pilot in de Botlek, waarbij voor tien bedrijven waterprofielen zijn opgesteld, is inmiddels afgerond. Het project wordt momenteel landelijk uitgerold. Dat neemt veel tijd in beslag omdat het om honderden bedrijven gaat die allemaal moeten worden geïnterviewd. De opdrachtgever is Rijkswaterstaat, maar advies- en ingenieursbureaus, zoals Tauw en Infram, stellen de waterprofielen op.

Roy Tummers, directeur Water bij VEMW

[/caption]

Meer aandacht voor waterhergebruik

De technologie om drinkwater te besparen is beschikbaar, benadrukt Tummers. Ook het waterbewustzijn bij bedrijven is sinds de extreme droogte in 2018 toegenomen. Waterhergebruik, bijvoorbeeld uit de eigen awzi of communale rwzi, is volgens hem om verschillende redenen nog minimaal. De belangrijkste reden is de lage inkoopprijs van drinkwater, hoewel de prijs voor zakelijke grootverbruikers dit jaar gemiddeld met 21 procent is gestegen in vergelijking met 2022. Hierdoor krijgen bedrijven de business case vaak niet rond. Cijfers over waterhergebruik zijn niet beschikbaar.

Tummers benadrukt dat bedrijven in de business case niet alleen naar de inkoopprijs van drinkwater moeten kijken. Hoewel de inkoopprijs voor zakelijke grootverbruikers in 2023 relatief laag is, maken de bedrijven ook andere kosten. Bijvoorbeeld energiekosten bij het koelen en verwarmen van water en de inkoop van chemicaliën om corrosie of microbiologische aangroei te voorkomen. Ook betalen de bedrijven een heffing om het afvalwater te lozen op het riool of oppervlaktewater. Een flinke heffing, want de kosten zijn in vergelijking met 2022 met 9 procent toegenomen. Daarom pleit Tummers ervoor dat bedrijven deze kosten meenemen in de business case.Hij ziet de urgentie om water te besparen in verschillende provincies toenemen. Hierbij gaat het om de provincie Noord-Brabant en de provincies waar Vitens actief is, met name Overijssel, Gelderland en Utrecht Hier spelen meerdere issues, zoals de weigering van drinkwateraanvragen door Vitens van bedrijven die willen uitbreiden en hiervoor extra water nodig hebben. Oorzaken hiervan zijn onder meer klimaatverandering, economische groei en de bouw van een miljoen nieuwe woningen, zo stelde directeur Jelle Hannema vorig jaar in Trouw.

 

“Het oppompen van grondwater kost ons, inclusief elektriciteitskosten, veel minder dan een euro”

Grondwater

De industrie kan niet alleen op drinkwater, maar ook op grondwater besparen. De Nederlandse industrie onttrok in 2020 volgens het CBS 113 miljoen m3 grondwater, waarvoor ruim 62 miljoen m3 voor koeling werd gebruikt. Ook hier neemt de urgentie om te besparen toe. Zo hebben verschillende bedrijven in Noord-Brabant inmiddels bijna de grens van de vergunning bereikt. Bovendien lijden natuurgebieden nog altijd onder verdroging en het intensief onttrekken van grondwater leidt tot verdere aantasting van de natuur, stellen milieuorganisaties zoals de Brabantse milieufederatie.Een generieke aanpak door de overheid is volgens Tummers niet effectief. Beleidsmakers moeten zoveel mogelijk maatwerk leveren door de grote verscheidenheid aan bedrijven en sectoren in de waterafhankelijke industrie. Verduurzaming kan plaatsvinden in de fabriek en in de keten, maar ook in de regio.

Gezuiverd effluent

Ook de inzet van ander water dan drinkwater is vaak mogelijk. Denk bijvoorbeeld aan gezuiverd proces­water of afvalwater. De potentie van gezuiverd afvalwater van een awzi of rwzi is enorm. Volgens het CBS produceren we in Nederland jaarlijks 1,9 miljard m3 rioolwater. Als de 317 rwzi’s dit water steeds verregaander zuiveren van medicijnresten, bestrijdingsmiddelen, microplastics en de verontrustende groep ‘zeer zorgwekkende stoffen’ komt er een enorme hoeveelheid goed water beschikbaar. In Nederland moeten we hier nog aan wennen, maar in een land als Singapore maakt CocaCola er al frisdrank mee.Tummers ziet ook in Nederland volop kansen om gezuiverd rioolwater in te zetten voor de industrie. De overheid moet dan wel een handje helpen door bijvoorbeeld mee te investeren in leidingen van rwzi’s naar bedrijven. “Een kwestie van tijd voor we ook in Nederland hier veel meer gebruik van gaan maken”, aldus Tummers.

FrieslandCampina: waterreductie is prioriteit

William Suijkerbuijk, directeur Industriewater Eerbeek

FrieslandCampina heeft in Nederland meerdere productie- en verpakkingslocaties. Het totale waterverbruik van de productielocaties wereldwijd bedroeg in 2021 ruim 26 miljoen m3. Hierbij gaat het ongeveer om 50 procent drinkwater en 50 procent grondwater. De reductie van het waterverbruik is een prioriteit voor de zuivelonderneming in verband met toenemende droogte, verzilting en invloed op de energiehuishouding. Daarnaast staat de waterbeschikbaarheid in bepaalde gebieden in Nederland waar de productielocaties zijn gevestigd onder druk. “Dit speelt vooral op de hoge zandgronden in Oost-Nederland en in Brabant”, zegt Klaas Vos, Global Sustainability Manager Supply Chain bij FrieslandCampina. De grenzen van de grond­waterontrekkingsvergunningen zijn daar in zicht. Daarom werkt het bedrijf aan andere opties, zoals de reductie van water voor de processen. Bijvoorbeeld door over te schakelen van watergekoelde naar luchtgekoelde condensors om processen te koelen. Een andere mogelijkheid is om het water dat bij de filtratieprocessen in een omgekeerde osmose installatie vrijkomt, in te zetten voor reinigingsdoeleinden. “We doen het al op sommige locaties en onderzoeken verdere uitbreiding”, zegt Vos. Bij nieuwe investeringen in waterbesparende technologieën onderzoekt Friesland Campina de mogelijkheden om met een interne waterprijs te rekenen. “Het oppompen van grondwater kost ons, inclusief de elektriciteitskosten, veel minder dan een euro. Maar intern zouden we moeten rekenen met de echte kosten van water. Daarbij denk ik aan bedragen tussen de drie en vijf euro”, zegt Vos. “Dan ziet de business case er een stuk positiever uit.”

De zuivelonderneming wil uiteindelijk naar een circulair watersysteem in de productielocaties. Hoe? Bijvoorbeeld door het slim scheiden van waterstromen bij de processen en deze stromen verregaand te zuiveren van ongewenste elementen. “De gezuiverde stromen kunnen we vervolgens weer hergebruiken in de fabrieken.” De noodzaak om regenwater te gebruiken, is volgens hem in Nederland nog niet zo groot. “Bovendien hebben we met seizoensinvloeden te maken. Ook zit er veel leven in water. Wanneer je dat opslaat en hergebruikt, kunnen er problemen ontstaan.”


“De grenzen van de grondwaterontrekkingen zijn in sommige provincies in zicht”


Papierfabrieken werken aan circulair watersysteem

De papierfabrieken uit Eerbeek en Loenen werken aan een circulair watersysteem waardoor grondwateronttrekking op termijn niet meer nodig is. Ze halen nu jaarlijks 3,6 miljoen kuub water uit de bodem in de omgeving. De provincie Gelderland wil dat hier een einde aan komt. In 2023 start een pilot op het terrein van Industriewater Eerbeek (IWE) om gedurende zes maanden verschillende zuiveringstechnieken te testen. IWE zuivert sinds 1960 het overtollige proceswater van papierfabrieken Folding Boxboard Eerbeek, Stora Enso De Hoop Mill en Neenah Coldenhove. De Eerbeekse papierproductie is onder andere daardoor al deels circulair. Zo wordt momenteel 30 procent van het proceswater van de papierfabrieken hergebruikt. Nijhuis Saur Industries is intensief betrokken bij de voorbereidingen van de bouw van de pilotinstallatie.

Nanofiltratiesysteem

Het zuiveringsproces in de pilotinstallatie start met het ontharde proceswater uit de papierfabrieken. Dat gaat eerst door een nanofiltratiesysteem waarvoor NX Filtration de nanofiltratie-units levert. “We gaan dubbeltraps directe nanofiltratie toepassen om het concentraat van de eerste stap in de tweede trap verder in te dikken”, licht William Suijkerbuijk, directeur Industriewater Eerbeek en initiatief­nemer van de pilot, toe. Het concentraat uit de nanofiltratie bevat organische delen en wordt gecoaguleerd en gecentrifugeerd. Hierbij ontstaan twee brijnstromen: de ene stroom bevat organische (zouten) en de andere stroom anorganische componenten

Actief kool

De tweede zuiveringsstap bestaat uit een filtersysteem met actief kool waaraan de organische delen zich hechten. De keuze om het systeem al dan niet te beluchten, moet Suijkerbuijk en zijn team nog nemen. De volgende stap is Reverse Electro­Dialysis (RED) om de zouten selectief uit het water te halen. Ook hier gaat het om een dubbeltrapse uitvoering, geleverd door REDstack. Het concentraat gaat door een ionenwisselaar om verder te ontharden. “Ik verwacht dat er nog een hogedruk RO-installatie nodig is om het concentraat nog verder in te dikken”, zegt Suijkerbuijk. “Vervolgens is de schone stroom klaar voor hergebruik in de papierfabrieken.”

Onderzoeksvragen

De pilot brengt verschillende onderzoeksvragen met zich mee. Suijkerbuijk zoekt de samenwerking werkt met onderzoeksinstituut KWR in Nieuwegein. Een belangrijke onderzoeksvraag is of de betrokken partijen in de pilot de zoutstroom na de EDR kunnen opwerken tot een hypochlorideoplossing die is te vermarkten. Daarnaast is onderzoek nodig of er corrosie ontstaat in de installaties van de papier­fabrieken. Ook moet duidelijk worden of het hergebruikte water schoon genoeg is om aan de eisen van de voedselindustrie en farmaceutische industrie te voldoen. Daar leveren de fabrieken ook papier aan.

Kalkreactoren bij Industriewater Eerbeek

Kunstmatige intelligentie

Een bijzonder en nieuw element is de toepassing van kunstmatige intelligentie door leverancier Siemens. Het bedrijf zorgt ervoor dat de data uit de pilot in een model komt. Het model komt op een nog te ontwikkelen platform voor de gehele besturing van de full scale zuiveringsinstallatie. De kunstmatige intelligentie in het model kan vervolgens op basis van data de full scale installatie optimaal aansturen. “Wanneer we in 2025 operationeel zijn, reduceren we niet alleen het grondwatergebruik, maar lozen we ook niet meer op De IJssel.”


Waterzuiveringsinstallatie bij Friesland Campina

Longreads zijn artikelen die wekelijks online geplaatst worden die uit het magazine komen.