industrie nieuws
Bron: Unsplash industrie nieuws foto

Nijmeegse onderzoekers: CCU levert te weinig uitstootvermindering op

Uit onderzoek door milieuwetenschappers van de Radboud Universiteit in Nijmegen blijkt dat CCU tot onvoldoende uitstootvermindering leidt om de klimaatdoelen van Parijs te halen. De meest succesvolle CCU-vormen zijn in 2030 – wanneer er 50% bespaard moet zijn – nog niet marktklaar.

CCS en CCU maken een significant onderdeel uit van de Nederlandse plannen om op korte termijn – voor 2030 dus – te kunnen voldoen aan de klimaatdoelstellingen van Parijs. Uit onderzoek van milieuwetenschappers van de Radboud Universiteit in Nijmegen blijkt nu dat  het aandeel van CCU wellicht te rooskleurig is ingeschat.

Bron

Bij CCU wordt CO2 die is afgevangen uit andere processen, ingezet als grondstof bij andere processen. Volgens milieuwetenschapper Kiane de Kleijne komt een deel van die COweer vrij bij of na het proces én is er nog altijd energie nodig om het proces te laten verlopen. Die energie komt vaak alsnog uit fossiele bronnen.

Levenscyclus

Het team van De Kleijne berekende welke CCU-technologieën voor 2030 tot een netto halvering van de CO2 uitstoot zouden leiden. Daarbij werd gerekend met de CO2 uitstoot  bij of na het proces en de technologische volwassenheid van de CCU-technologie. ‘Sommige technologieën reduceren de CO2-uitstoot te weinig over de hele levenscyclus, andere zijn te laat volwassen. Er blijven er maar een paar over die in een nul-CO2 wereld mee kunnen komen’, vertelt co-auteur Heleen de Conick.

Permanent

Bij de technologieën die in 2030 tot een halvering van de uitstoot kunnen leiden, staan twee zaken centraal. Ten eerste moet het proces waarin de opgeslagen CO2 wordt gebruikt zelf geen fossiele energiebron inzetten. En ten tweede moet het proces leiden tot een product waarin CO2 permanent wordt opgeslagen. De vervaardiging van bouwmaterialen, mits er bij het proces geen fossiele energie is ingezet, is daar een goed voorbeeld van.

Na 2030

Sommige vormen van CCU kunnen dus weliswaar tot een voldoende grote reductie leiden, maar daarna zijn de methodes niet voldoende toereikend om na 2030 tot een nul-emissie te komen. ‘Na 2030 worden de eisen strenger’, vertelt co-auteur Steef Hanssen. ‘We zien dat de meeste technologieën niet de potentie hebben om echt richting nul te gaan. Voor de meeste vormen van CCU pluk je dus op de lange termijn geen vruchten meer. Voor die langere termijn moet je aan minstens twee van drie criteria voldoen: de CO2 zit permanent opgeslagen in een product, het proces van afvang en hergebruik is zelf CO2-neutraal, en de CO2 komt direct uit de atmosfeer of van duurzame vormen van biomassa.’