Het stikstofbeleid in Nederland is in strijd met het Europese stikstofbeleid, zo heeft de Raad van State woensdag geoordeeld. Volgens de rechter schort het Nederlandse stikstofbeleid vooral aan de mate waarin het de natuur verstoort.

In Nederland werd op basis van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) al dan niet een vergunning verleend. Bij het PAS kregen bedrijven in de buurt van Natura2000 natuurgebieden¬†(een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden) de gelegenheid hun stikstofuitstoot te compenseren met diverse maatregelen, bijvoorbeeld het plaatsen van luchtwassers op stallen, of door actief te plaggen en te maaien. De vergunningen die op basis van dit PAS definitief zijn verleend, worden niet ingetrokken. Nieuwe plannen worden echter niet meer op basis van het PAS verleend en dat betekent dat verschillende lopende vergunningstrajecten direct worden opgeschort. In totaal lopen er nu zo’n 180 vergunningstrajecten.

Dat heeft gevolgen voor de veeteelt, de wegenbouw, maar ook voor de industrie. Bijvoorbeeld voor de uitbreiding van het industriecluster Eemsdelta, maar ook voor de bouw van de biomassacentrale in Diemen, waar eerder ook al kritiek op was.

Het PAS heeft dus nooit gewerkt, meent Johan Vollenbroek van de milieuorganisatie Mobilisation for the Environment in een interview met Trouw. Volgens Vollenbroek liep het PAS te ver voor de muziek uit en is nu duidelijk geworden dat de compenserende effecten te gering en vaak niet aantoonbaar zijn gebleken.

Milieujuristen zijn, ondanks dat er al een vergelijkbare uitspraak van het Europees Hof lag, verrast over de uitspraak van de Raad van State. Volgens milieujurist Benhadi zorgt deze uitspraak er voor dat men ‘creatiever’ te werk zal moeten gaan en men bereid zal moeten zijn consessies te doen. Greenpeace meent dat het ‘drastisch inkrimpen van de veestapel’ een groot deel van het probleem zal oplossen.