Shell koopt nog steeds Russische olie en doet daarmee (juridisch) niks verkeerd

Shell koopt nog steeds Russische olie in, ondanks dat het bedrijf op 8 maart aankondigde zich te zullen terugtrekken uit de Russische oliemarkt. Juridisch gezien doet Shell echter niks verkeerd: ze kopen namelijk olie die voor minder dan 49,9 procent uit Russische olie bestaat.

Shell kondigde twee weken na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne aan om te stoppen met de inkoop van ruwe olie. Een paar geleden bleek dat Shell toch nog Russische olie inkoopt. Hoe dat kan? Omdat Shell olie inkoopt die voor maximaal 49,9% in Rusland zijn vervaardigd. Het wordt ook wel de ‘Latvian blend’ genoemd.

De olie die Shell inkoopt, bestaat voor maximaal 49,9% uit olie die uit de regio van Sint-Petersburg komt. Die olie wordt eerst naar Letland verscheept en ter plekke vermengd met 50,1% niet-Russische olie. Het lijkt een juriste truc te zijn, maar Shell heeft in haar contractvoorwaarden duidelijk vermeld aan welke voorwaarden een product moet voldoen om het het stempel ‘Russisch’ te noemen: ‘Goederen worden geacht van Russische oorsprong te zijn indien zij in de Russische Federatie zijn vervaardigd of indien de inhoud (naar volume) voor 50 procent of meer bestaat uit materialen die in de Russische Federatie zijn vervaardigd.’

Daar komt bij dat niemand Shell kan verplichten om geen Russische olie (of Latvian blends) te importeren. De Europese Unie heeft weliswaar in een recente stemming laten zien dat er een meerderheid voor een embargo op Russische olie en gas is, maar er is nog geen embargo. Shell heeft zelf aangegeven dat terugtrekking uit Rusland een gefaseerd proces betreft dat de nodige tijd zal kosten.