Veel bedrijven laten hun meetinstrumenten kalibreren, maar  weten vaak niet waarom. Het verkrijgen van een sticker of een certificaat ten behoeve van een audit is niet het doel.

Je doet het omdat je wil weten of de kritische apparatuur binnen de gestelde specificaties valt. Immers, faalkosten (door afgekeurde producten), opnieuw meten, discussies rond hoeveelheden of productspecificaties, (voedsel) veiligheid, kan je beter voorkomen. Maar hoe pak je dit nu aan?  Welke instrumenten wel en welke niet? En hoe vaak moet er eigenlijk gekalibreerd worden?

Welke instrumenten moeten er gekalibreerd worden?


In feite kan elk meetinstrument gekalibreerd worden mits er een (inter)nationale standaard voor bestaat. Wetgeving en sommige normen kunnen eisen stellen aan bepaalde meetinstrumenten, waarbij het met behulp van kalibraties aantoonbaar moet worden gemaakt dat een instrument voldoet.

Hoe vaak moet een meetinstrument gekalibreerd worden?


Als er is bepaald dat een instrument periodiek gekalibreerd moet worden, dan is meestal de volgende vraag: hoe vaak dit dan moet gebeuren? De periodiciteit wordt bepaald door de toepassing van het instrument, de frequentie waarmee het instrument wordt gebruikt en de eigenschappen van het instrument.

Wat is meetonzekerheid?

Elke meting heeft een bepaalde onzekerheid. Deze onzekerheden worden door vele factoren veroorzaakt, bijvoorbeeld door de persoon die de kalibratie uitvoert. Als dezelfde persoon op een volgende dag een bepaalde kalibratie nog een keer uitvoert, doet hij dit dan 100,00% hetzelfde? Bij wegingen bijvoorbeeld kan zelfs de variatie in het zwaartekrachtveld van de aarde een invloed hebben op de meting.

Meer weten? Lees het complete verhaal in Process Control 6