Om de Europese klimaat-doelstellingen in 2050 te halen, moet Noordwest Europa vol inzetten op waterstof. Bij een effectieve toepassing kan waterstof in 2050 30 procent van die doelstelling invullen. Dat blijkt uit het nieuwste rapport ‘Hydrogen – industry as catalyst’, van de World Energy Council Nederland.

De World Energy Council beschrijft in het rapport drie fases in de overgang naar waterstof als belangrijkste energiedrager voor de samenleving. In de eerste grijze fase gebruiken bedrijven aardgas om via elektrolyse water te splitsen in waterstof en zuurstof. Vervolgens vangen ze in de tweede blauwe fase de CO2 die vrijkomt bij de verbranding van het aardgas af om het op te slaan in bijvoorbeeld lege gasvelden. De derde groene fase is het meest duurzaam en gebruikt elektriciteit afkomstig uit duurzame energie, bijvoorbeeld wind- of zonnenergie.

Start bij energie-intensieve industrie
De energie-intensieve industrieën zijn volgens de auteurs van het rapport nu aan zet om waterstof verder in te voeren. Hierdoor ontstaat een vliegwiel voor toepassing van waterstof voor de rest van de samenleving (transport en huishoudelijk gebruik).
De Nederlandse procesindustrie gebruikt nu al ca. 100 PJ ‘grijze’ waterstof, geproduceerd uit hoofdzakelijk aardgas via stoomreformers, meldt VEMW in een bericht op de website. De plannen voor groene waterstof van onder meer Tata Steel, Engie en Nouryon tellen inmiddels op tot een ambitie van meer dan 500 MW electrolyser vermogen tegen 2025.

Schaalgrens electrolyse installatie slechten
Daarbij moet volgens VEMW de volgende schaalgrens geslecht worden van 100 MW voor een electrolyse installatie. Volgens de hoofdlijnen voor een klimaatakkoord moet in 2030 zo’n 3-4 GW worden gerealiseerd. Zo’n grootschalige productie van groene waterstof vraagt volgens VEMW om een snelle prijsreductie van electrolysers. Door opschaling moet (en kan naar verwachting) tot 2030 een reductie van 60-70 procent in de prijs van electrolysers gerealiseerd worden, tot een niveau van 200-500 €/kWe bij opschaling naar 3-4 GW.

Waterstof heeft gigantisch potentieel
Volgens hoofdauteur Jan Willem Velthuijsen van het WEC-rappport heeft waterstof een gigantisch potentieel. “Ons inziens is waterstof de onmisbare schakel om de Europese doelstellingen in 2050 te halen. Om dat te bereiken, moeten we de huidige toepassingen in de industrie versneld gaan opschalen. Dan denk ik met name aan de chemische industrie, raffinages en bijvoorbeeld staalproductie. Daar wordt al veel met waterstof gewerkt en hier valt veel te winnen. Er is de laatste jaren al veel kennis, ervaring en infrastructuur zijn opgebouwd, en de coördinatiekosten zijn gezien het overzichtelijke aantal spelers beperkt.”

Europese beprijzing CO2-uitstoot
Velthuijsen, tevens hoofdeconoom van PwC Europe, rekent in een persbericht van WEC Nederland het volgende voor. De transitie van grijze naar blauwe waterstof blijkt rendabel te worden bij een beperkte Europese beprijzing van CO2-uitstoot van rond de 40 euro per ton. “Het wordt dan interessant om CO2-uitstoot af te vangen en in lege gasvelden onder de zee te injecteren. Als vervolgens de kosten om waterstof te maken uit schone elektriciteit met 70% dalen ligt ook de rendabele weg naar groene waterstof open. Ook dat is geen ondenkbare voorwaarde. De kosten van wind en zonnestroomtechnologie zijn veel verder gedaald.”

.