Einde van de week. Een snacktruck voor de mannen als soort van beloning voor veilig werken. Geregeld vanuit de afdeling HSE. Bron: Gilbert Rijksen

‘Een duurzame veilige context op en rondom een werkterrein is van cruciaal belang voor alle stakeholders en hiervoor zijn topbestuurders eindverantwoordelijk’, zo werd gesteld in editie 6, 2025 van Process Control. In dit nummer wordt nader ingegaan op hoe er in de dagelijkse praktijk van industriële en bouwondernemingen een optimaal duurzame veilige context gecreëerd wordt. Veiligheidsexpert Gilbert Rijksen vertelt ondermeer hoe ‘veiligheid’ als component in beloningen kan worden opgenomen en beloningsdeskundige ir. Dennis Paalman van Reward Works reageert vervolgens op de haalbaarheid en effectiviteit ervan.

Elisabeth Paalman


Rijksen begon in de jaren ‘80 als beveiliger bij de Nederlandse Veiligheidsdienst, het huidige Trigion, met zowel het observeren en beveiligen van objecten, gebouwen, als het op heterdaad pakken van (winkel-)dieven. De destijds opgedane kennis en kunde, zoals ‘het lezen van mensen op gedrag en houding’ en ‘het op een acceptabele manier voet bij stuk houden om de waarheid boven tafel te krijgen’, past hij nog dagelijks toe bij het creëren van de meest optimale, duurzame veilige context. In de praktijk komt dit erop neer, dat Rijksen medewerkers bij de minste veiligheidsovertreding onverbiddelijk naar huis stuurt. Rijksen werkt voor Rijkswaterstaat op bouwlocaties op de Tweede Maasvlakte, en als veiligheidskundige ook bij onder andere Nobian, Ballast Nedam en BAM.

Paalman begon na zijn studies Technische Bedrijfskunde en Werktuigbouwkunde in Twente bij IBM. Geïnteresseerd in ‘Hoe personeel te behouden?’, ging hij in Londen aan de slag bij het huidige WillisTowersWatson, een internationaal adviesbureau op het gebied van beloningen. Na al dat advieswerk besloot Paalman als ‘Global Head of Reward’ bij ING te gaan werken en vervolgens bij Ahold/Delhaize, Philips, Solvay, Bayer en OCI/Fertiglobe. Naast deze rol, die hij nu bij Arcadis vervuld, is hij tevens eigenaar van het beloningsadviesbureau Reward Works. Bij de bedrijven waar Paalman werkt(e), staat veiligheid zeer hoog op de agenda en wordt hem dikwijls gevraagd naar welke veiligheidgerelateerde criteria te verbinden zijn aan bonussen.

Risico-inventarisatie vooraf
Voordat medewerkers op een bouwplaats aan de slag kunnen, voeren veiligheidskundigen op basis van documentatie en de situatie ter plekke een Risico-Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) uit en stellen ze een VGM (lees: Veiligheid, Gezondheid en Milieu ofwel HSE) op conform de ARBO-wet. Om het RI&E en VGM op te kunnen stellen, dienen opdrachtgevers veiligheidskundigen toegang te geven tot alle risico- en veiligheidsdocumenten om risico’s en gevaren in kaart te kunnen brengen, alsmede om de locaties in kaart te brengen waar de EHBO-koffers, intercoms, brandblussers, (oog-) douches en dergelijke staan opgesteld. Alles wat met veiligheid samenhangt moet vooraf goed in kaart worden gebracht en geplaatst zijn op de plekken waar het nodig is. Pas daarna mag op een bouwplaats risicovol worden gewerkt.

Voorkeursstrategie
Veiligheidskundigen werken vanuit de ‘arbeidhygiëne-strategie’. Dit is een voorkeursstrategie van maatregelen om blootstelling aan geïnventariseerde risico’s te voorkomen en beperken. De volgorde is als volgt: 1. risico’s wegnemen aan de bron (bronaanpak), 2. blootstelling beperken door technische voorzieningen als ventilatie (collectieve maatregelen), 3. werk organiseren door gebruik te maken van instructie, opleiding en bewustwording veilig gedrag (individuele en organisatorische maatregelen) en 4. medewerkers dragen de juiste beschermende kleding, schoenen, helm, gelaatsmasker, brandvertragende kleding (PBM’s). Het voortraject behelst alles wat voorafgaat aan het moment waarop medewerkers op een risicovolle bouwlocatie of industriële locatie aan de slag mogen gaan.

Inductie en test
Medewerkers die op een risicovolle locatie aan de slag gaan, moeten vooraf een voorlichtingsfilm bekijken, waarin uitleg wordt gegeven over de strikte regels op de locatie. Het gaat om (standaard-)regels als ‘met gordel rijden’, ‘achteruit het voertuig parkeren’ en de procedures bij alarm (‘inductie’ geheten). Na de film wordt een test afgenomen met 10 vragen. Bij 80% goede antwoorden krijgt de medewerker een herkenbare sticker op zijn helm en mag hij/zij het terrein op. Er is één herkansing. Ondanks strakke regels en controle op de sticker is het belangrijk hierop aldoor toe te zien, omdat niet-geslaagde medewerkers soms wel aan het werk gaan. Zij moeten er onmiddellijk worden uitgehaald en naar huis worden gestuurd. Een ander obstakel is vaak de taal. Lang niet iedereen spreekt Nederlands. Het is dan ook niet altijd eenvoudig om uit te vinden of zij wel gecertificeerd zijn om te doen wat ze denken te gaan doen en/of ze weten wat ze op een veilige manier gaan doen om op schema te blijven. Om elkaar goed te kunnen begrijpen wordt daarom vaak gewerkt met vertaalapps op de telefoon en wordt onderling Engels gesproken om iedereen op de hoogte te houden.

GEZAMENLIJKE VERANTWOORDELIJKHEID”

Naast het controleren van medewerkers op hun papieren en veiligheidsmaterialen zijn veiligheidskundigen voortdurend bezig met het plannen wat er de volgende dagen op het programma staat en welke materialen en machines daarvoor nodig zijn om op schema te blijven. Zo is het belangrijk te weten, wie er met welk materieel mag werken (certificering).

Startwerkinstructie
Elke dag begint daarom met een ‘startwerkinstructie’ met alle medewerkers: welke werkzaamheden staan vandaag op de planning? Is het materieel aanwezig? Is het gebied goed afgezet? Moet er onder een hijskraangebied worden gewerkt (mag niet)? Hoe is de windkracht en -richting op hoogte? Tijdens een startwerkinstructie worden alle voorwaarden en eisen vastgelegd en vervolgens door de coördinator en medewerkers getekend. Als er geen startwerkinstructiedocument is, legt de veiligheidskundige dit vast in de dagrapportage. Dit heeft consequenties voor de start van het werk en wie er aansprakelijk is. Tenslotte wordt er een Last Minute Risk Analyse (LMRA) uitgevoerd naar de werkplek, gevaren, risico’s, alarm, procedures, waarvoor iedereen tekent. Veiligheidskundigen zijn erbij om te checken of het klopt en om na te gaan of er een aanvulling nodig is.

Podium van steigermateriaal met scorebord, door HSE beoordeelt. Einde van de week staat x-team als nummer 1 ‘on stage’. Bron: Gilbert Rijksen

Waardering op locatie
Om medewerkers op een bouwlocatie zich gewaardeerd te laten voelen, wordt eens per week of maand ‘iets’ gevierd, waarbij oorkondes en cadeaubonnen worden uitgereikt, aldus Rijksen. Paalman is het hier volkomen mee eens: “Geef aandacht aan medewerkers, maar zoek ze ook op. Voor topmanagers kan een component in hun beloning worden opgenomen, die hen voorschrijft om eens per maand een bouwlocatie te bezoeken en medewerkers ter plekke te vragen hoe zaken verlopen, of ze iets belangrijks voor een duurzame veilige context missen, en zo ja, wat dat dan is?”.

Belonen en veiligheid
Paalman stelt dat door de jaren heen bedrijven hebben geëxperimenteerd door bepaalde veiligheidscriteria te koppelen aan een (extra) financiële prikkel. Criteria als ‘Lost Time Injury’ (verliesdagen), het aantal incidenten met productieverlies als consequentie of TRI/TRIR ‘Total Recordable Injury Rates’ blijken zelden te werken. Paalman: “Ze leiden vaak tot het niet melden van ongevallen omdat de focus ligt op het behalen van een bonus in plaats van op veilig(er) werken. Gemelde ongevallen zijn in dergelijke situaties dan vaak ook maar het topje van de ijsberg. Bovendien kan er zo niets geleerd worden van (bijna-)fouten.”

Totaalconcept
Paalman ziet veiligheid als een totaalconcept, dat niet alleen relevant is op bouwlocaties en industriële locaties. Elke medewerker dient doordrongen te zijn van het belang van veiligheid. Daarom hebben bedrijven ‘HSE’-programma’s als verplichte kost gemaakt voor alle medewerkers en worden medewerkers uit een kantooromgeving gestimuleerd om bouwlocaties en productielocaties te bezoeken met helm, veiligheidskleding en -schoenen en notie te nemen van de veiligheidsmaatregelen en vluchtroutes. “Het creëren van een veiligheidscultuur voor alle medewerkers is een traject dat continue aandacht verdient. Dat wordt dan ook niet bereikt door het betalen van een bonus hier en daar”, aldus Paalman.