klimaatwinst

Duurzaamheid is in de politiek en media wat naar de achtergrond verdwenen. Sommige bedrijven schuiven daarom hun investeringen op dit gebied op de lange baan. Andere bedrijven zetten er juist vol op in. Ze beseff en dat het niet alleen nodig is voor onze toekomst, maar ook dat het geld oplevert. Duurzaamheid heeft steeds meer invloed op hun dagelijkse beslissingen.

Vorige maand zat ik bij een petrochemisch bedrijf waar de onderhoudsmanager me vertelde: “We hadden altijd een simpele afweging: repareren of vervangen. Nu moeten we ook rekening houden met de CO2-voetafdruk, circulaire materialen en energieverbruik tijdens de levensduur.” De bedrijven die nu doorgaan met deze koers, ondanks de economische druk, lopen straks voorop. Deze verschuiving van ‘Total Cost of Ownership’ naar ‘Total Impact of Ownership’ verandert fundamenteel de wijze waarop we naar onze assets kijken.

Neem bijvoorbeeld predictief onderhoud. Wat ooit een manier was om ongeplande stilstand te voorkomen, wordt nu ook een emissiereductietool. Elke ongeplande stop betekent immers energie-intensief opnieuw opstarten. Een motor die 30% meer stroom trekt door slechte uitlijning krijgt nu prioriteit, omdat die afwijking jaarlijks duizenden euro’s extra energiekosten veroorzaakt. Ook reservedelen-management krijgt een nieuwe dimensie. Bedrijven worstelen met de afweging tussen lokale leveranciers versus traditionele Aziatische toeleveranciers met een grote CO2-voetafdruk door transport.

Een recent onderzoek toont aan dat 58% van de bedrijven wereldwijd overweegt ‘refurbished’ apparatuur aan te schaff en. Het meest fascinerende vind ik hoe deze energie-focus doorwerkt in de hele onderhoudsfi losofi e. Bedrijven ontdekken dat kleine lekkages, vibratie-afwijkingen en andere ‘minor issues’ die vroeger pas bij de volgende onderhoudsbeurt werden aangepakt, veel meer energie verbruiken dan veel mensen dachten. Predictief wordt zo van storingspreventie een instrument voor energie-optimalisatie.

VAN TCO NAAR TIO”

Dit alles vraagt om nieuwe competenties van ‘reliability engineers’. Ze moeten niet alleen begrijpen wat technisch mogelijk is, maar ook kunnen rekenen met levenscyclusanalyses en energiestromen. Het goede nieuws: duurzaamheid en betrouwbaarheid versterken elkaar vaak. Machines die goed onderhouden worden, gaan langer mee én verbruiken minder energie. Maar gaat dit ook geld opleveren? Een Europees petrochemisch complex reduceerde energiekosten met 1,7% door ‘real time’ energie-optimalisatie. Bij abnormale situaties zelfs tot 7%. Een chemische fabriek in Texas behaalde 23% energieintensiteitsreductie en bespaart jaarlijks $18,5 miljoen. De vraag is niet of duurzaamheid impact heeft op de assetstrategie, maar hoe snel bedrijven deze nieuwe realiteit omarmen. Bedrijven die dit nu doen, lopen straks voorop. De rest moet het inhalen.